Categorie archief: Alle categorieën

PermaBlitz 2

Aardwerk organiseerde in vriendelijke samenwerking met Transition Town Eindhoven op 1 november 2009 de tweede PermaBlitz in Eindhoven.

Gastgevers Mary-Ann en Hans wonen aan de rand van de stad met uitzicht op een landlijk natuurgebied. Ze wilden graag iets met kruiden want ze zijn kookliefhebbers. De tuin levert een boel snoei- en bladafval, dus je zou een compostbak verwachten. Die was er nog niet. Gaan we ook bouwen. De tuin is aan twee zijden begrensd door een houtwal met o.a. wilgen en berken. Door snoeien en dunnen is er een flinke berg stammen en takken ontstaan. Er wordt in het huis geen houtkachel gestookt. Het hout heeft daardoor geen lokale bestemming. Onze suggestie: enten met eetbare paddestoelen. Lees verder op de website van Aardwerk.

Excursie: Plukrijp (BE)

091010 Plukrijk1

Op 10 oktober organiseerde Transition Town Eindhoven een excursie naar Plukrijp in Schriek, België. We waren met een klein gezelschap van 7 personen.

Frank en Martine Ruymen hebben van een biologische boerenbedrijf een groothandel in biologische producten gemaakt en dit vervolgens weer omgevormd tot een tuinbouwbedrijf op basis van permacultuur. Het bedrijf bestaat uit een drietal gebouwen met daarachter veel grond en diverse eenvoudige kassen.

Er wordt niets meer verkocht, maar des te meer weggegeven. Uit alle richtingen komen er spullen – eten, kleding, speelgoed – naar Plukrijp, vervolgens wordt alles weer weggegeven aan mensen die langskomen omdat ze geïnteresseerd zijn in wat er op Plukrijp gebeurt of om er te helpen bij het planten of oogsten of omdat ze geen geld hebben om het in de winkel te kopen.

091010 Plukrijk2

Frank en Martine hebben beiden een part-time baan. Daarnaast werken ze samen met bezoekers op het land. Enkele kenmerken: je mag moeder aarde niet steken, alleen kietelen. Machines zijn er dan ook niet te vinden, met schoffel en hark wordt de aarde bewerkt. Onkruid en andere niet eetbare plantendelen worden tussen de planten gelegd, waar ze als compost weer deel uitmaken van de kringloop. Kunstmest, pesticiden etc. zul je hier nergens aantreffen. Verschillende planten groeien broederlijk naast elkaar. Courgettes en aardbeien, spinazie, postelein en prei.

Hun levenswijze is voor sommige van ons extreem, maar op hun wijze zijn dit rijke mensen waar we veel van kunnen leren.

Transition Towns in een notendop

Duurzamer leven, zorgen over het klimaat, een leefbare aarde nalaten…., maar hoe? Transition Towns zijn lokale gemeenschappen die zelf aan de slag gaan om hun manier van wonen, werken en leven minder olie-afhankelijk te maken. Lees meer….

Wat zijn Transition Towns

Transition Towns zijn lokale gemeenschappen (grote en kleine steden, dorpen, wijken) die zelf aan de slag gaan om hun manier van wonen, werken en leven minder olie-afhankelijk te maken. Piekolie en klimaatverandering zijn de belangrijkste drijfveren om in actie te komen voor verandering van onderop! Transition Towns werken op lokaal niveau aan oplossingen en laten zien hoe je die zelf organiseert. Het concept doet een beroep op de inzichten, wijsheid, creativiteit en ervaringen van gewone mensen.

Transition Towns vormen een wereldwijde basisbeweging. De Britse permacultuur-activist Rob Hopkins startte in 2005 in zijn woonplaats Totnes (Devon, Engeland) het eerste Transition-initiatief. Totnes groeide uit tot de eerste Transition Town in Engeland. Inmiddels zijn er in heel Groot-Brittannië al meer dan vijftig Transition Towns en hebben nog veel meer gemeenten de ambitie om een Transition Town te worden. De aanpak slaat zo breed aan, dat het TT-concept nu uitwaaiert over de hele wereld. Er is inmiddels een veelkleurig Transition-network, met wereldwijd vele honderden lokale initiatieven. In september 2008 werden Transition Towns ook in Nederland geïntroduceerd. In ons land zijn er inmiddels ruim 60 initiatieven, verspreid over alle twaalf provincies.

Transition Towns Handboek

Rob Hopkins beschreef zijn ideeën en de ervaringen in het Transition Handbook, dat in 2008 uitkwam. Dit boek is voor velen een belangrijke informatie- en inspiratiebron.
In mei 2009 verscheen de integrale
Nederlandse vertaling van dit handboek, aangevuld met een actuele analyse van de economische crisis in relatie tot piekolie en klimaatverandering. Ook zijn verslagen toegevoegd over de ontwikkelingen rond Transition Towns in Nederland en Vlaanderen. Het Handboek telt 276 pagina’s.

De belangrijkste informatie voor groepen die een Transition Town willen starten, is verzameld in een praktische handleiding (’primer’). Ook deze basishandleiding is beschikbaar in een Nederlandse vertaling; deze telt 100 pagina’s. Dit boekje is op www.transitiontowns.nl als pdf-bestand te downloaden.

Criteria om een officiële Transition Town te worden

Niet elk initiatief mag zich zo zomaar ‘Transition Town’ noemen. Binnen de internationale Transition Towns-beweging gelden daarvoor vastgestelde criteria (zie hieronder). Stichting Transition Towns Nederland (i.o.) heeft zich aan deze criteria gecommitteerd en ‘bewaakt’ deze ook voor lokale initiatieven en stuurgroepen.

Aan de hand van een aantal criteria is het mogelijk om in redelijke mate te beoordelen in hoeverre een gemeenschap er klaar voor is om te gaan werken aan een energieslanke toekomst. Als je erover denkt om dat te gaan doen aan de hand van het Transition Towns model, dan nodigen we je uit om naar de onderstaande lijst criteria te kijken en zo objectief mogelijk te bepalen hoe ver je bent bij elk van die punten. Het kan dus zijn dat je aan de hand van die lijst bemerkt dat er nog witte plekken zitten in waar je nu staat. Dat zijn dan meteen de punten waarop je je als initiatief in de dop kunt focussen, om je klaar te stomen voor het avontuur dat Transition Town heet.

De criteria

De onderstaande criteria zijn geenszins in beton gegoten; aan de hand van de praktijk zijn ze constant in ontwikkeling.

1. Piekolie en Klimaatverandering als de twee voornaamste drijfveren om tot een TT te komen.
2. Een groep van tenminste vijf mensen die allen bereid zijn om gedurende de eerste fase van een TT in een actieve, leidende rol te stappen (en dus niet een initiatief dat drijft op één of twee grenzeloos enthousiaste mensen)
3. Tenminste twee mensen uit de initiatiefgroep nemen deel aan een door TT Nederland aangeboden trainingsweekeinde voor beginnende Transition Towns.
4. Een potentieel sterke connectie met het gemeentebestuur (maar niet gericht op slechts één of enkele politieke partijen)
5. Een goed begrip van de 12 Stappen om een Transition Town te worden.
6. Commitment om indien nodig om hulp te vragen.
7. Commitment om regelmatig je Transition Town website bij te werken: je eigen lokale site en de workspace die we beschikbaar maken om middelen en ervaringen met elkaar te delen.
8. Een commitment om af en toe bijdragen te leveren voor de website van Transition Towns Nederland (www.transitiontowns.nl) en aan de Transition Towns blog (www.transitionculture.org). De rest van de wereld is namelijk ook nieuwsgierig te weten wat er zoal in de Nederlandse Transition Towns gebeurt!
9. Een commitment om tenminste twee presentaties aan beginnende initiatieven in de omgeving van je eigen TT te geven over hoe je bent gestart en wat je daarbij bijvoorbeeld hebt meegemaakt.
10. Een commitment om samen te werken met je buur-TT’s.
11. Een minimum aan belangenverstrengeling binnen je initiatiefgroep.
12. Een commitment om desgevraagd mee te werken aan landelijke of internationale fondswerving door TT Nederland of het Transition Network. Ieder TT is verder zelf verantwoordelijk voor het indien nodig aanboren van lokaal beschikbare financieringsbronnen.
13. Een streven naar inclusiviteit binnen het geheel van je TT-initiatief. Dit punt is breder dan de kwestie van het vermijden van een bepaalde politieke kleur uit criterium 4. Het is namelijk voorgekomen dat bepaalde groeperingen gebruik willen maken van een op lokale zelfvoorziening gerichte TT om een op discriminatie gerichte boodschap in te brengen. Een mogelijkheid is om als initiatiefgroep expliciet te melden dat je de Verklaring van de Rechten van de Mens onderschrijft (Algemene Vergadering van de Verenigde Naties, resolutie 217 A (III) van 10 December 1948). Indien je TT-initiatief mettertijd een stichting of vereniging wordt, kun je dit opnemen in de statuten.
14. Onderkennen dat je primair aan het werk bent in je lokale gemeenschap, ook al vind je dat de wijde regio, provincie en de rest van Nederland ook de veranderingen nodig heeft die via een TT worden bewerkstelligd. Mogelijk wordt het aantal TT’s in je regio zo groot dat het handig is om een soort overkoepelend orgaan in het leven te roepen, maar dat wijst zich mettertijd vanzelf wel. Wat dergelijke regionale koepels kunnen doen in relatie tot wat er vanuit TT Nederland aan service wordt geboden, kan per geval verschillen en nader worden afgesproken.
15. Tot slot een advies (geen verplichting) om tenminste één persoon in de initiatiefgroep te hebben die een permacultuur-cursus heeft gevolgd; de praktijk wijst uit dat het werkelijk verschil maakt.

Aan de slag met De twaalf stappen

Een Transition Town-initiatief komt tot stand volgens een twaalf stappen-plan. Deze aanpak is inmiddels succesvol beproefd in vele tientallen steden en dorpen, aanvankelijk in Groot-Brittannië, maar inmiddels wereldwijd, en ook in Nederland! Een transitie-initiatief begint met één of enkele mensen en gaat dan geleidelijk groeien. De mensen van de Engelse Transition Towns hebben door ervaring geleerd op welke manier dit groeien het beste kan plaatsvinden. Zij onderscheiden twaalf stappen.Hieronder geven we deze twaalf stappen weer; ze zijn ontleend aan de Basishandleiding transitie-initiatieven.

De twaalf stappen zijn niet bedoeld als dwingend voorschrift, maar als inspiratiebron.

Stap 1: De Stuurgroep

Zet een stuurgroep op en bepaal direct aan het begin wanneer die zichzelf opheft. In dit stadium wordt een kernteam gevormd dat het project door de eerste fasen zal leiden.

We raden aan dat je een stuurgroep vormt die als doel heeft het project van fase 2 naar 5 te brengen. Zodra zich een minimum van vier subgroepen heeft gevormd, heft de aanvankelijke stuurgroep zich op en wordt direct een nieuwe stuurgroep opgericht die bestaat uit een vertegenwoordiger uit ieder van de subgroepen. Dit vereist een zekere nederigheid, maar het is zeer belangrijk omdat hiermee het succes van het project boven de belangen van de betrokken individuen wordt geplaatst. Het is de bedoeling dat de nieuwe stuurgroep uiteindelijk zal zijn samengesteld uit één vertegenwoordiger per subgroep.

Stap 2: Bewustmaking

In dit stadium zal duidelijk worden wie je belangrijkste bondgenoten zijn, worden de belangrijkste netwerken opgebouwd en wordt de gemeenschap als geheel voorbereid op de lancering van je transitie-initiatief.

Om een effectief Minder Energie Plan (zie stap 12) te kunnen ontwikkelen, moeten de deelnemers een goed begrip hebben van de potentiële gevolgen van piekolie en klimaatverandering. Het eerste probleem vergt het verhogen van de veerkracht van de gemeenschap, en het tweede vergt een kleinere CO2-voetafdruk.

Bijzonder effectief is het vertonen van bepaalde films (zoals Inconvenient Truth, End of Suburbia, Crude Awakening en Power of Community), waarna een panel van deskundigen vragen uit het publiek beantwoordt. Ook kan het zeer inspirerend werken experts te laten spreken over hun specialisme op het gebied van klimaatverandering, piekolie en maatschappelijke oplossingen.

Tot de gereedschapskist om mensen bewust te maken van de problematiek en over oplossingen te laten nadenken behoren verder: artikelen in plaatselijke kranten, interviews op de regionale radio en tv, en presentaties voor bestaande groepen, waaronder scholen.

Stap 3: Leg de fundamenten

Dit stadium gaat over contacten leggen met bestaande groepen en activisten. Maak duidelijk dat alles wat ze tot nu toe gedaan hebben en wat ze van plan zijn te gaan doen binnen het transitie-initiatief een plek kan krijgen, doordat op een nieuwe manier naar de toekomst gekeken wordt. Het is belangrijk hun werk te erkennen en te waarderen en te benadrukken dat zij een cruciale rol te spelen hebben.

Geef hen een kort en helder overzicht van het probleem van de piekolie: wat die inhoudt, hoe die in relatie staat tot klimaatverwarming, welke gevolgen die voor de gemeenschap in kwestie kan hebben en wat de belangrijkste uitdagingen zijn. Vertel hoe je denkt dat een transitie-initiatief als katalysator zou kunnen werken om de burgers zover te krijgen dat die oplossingen gaan bedenken en ‘grassroots’-initiatieven gaan nemen.

Stap 4: Organiseer een grote lancering

De officiële start van het project is een belangrijke mijlpaal. Het project is nu ‘volwassen’, het wordt voor het eerst aan de gehele gemeenschap gepresenteerd en de manifestatie genereert de nodige energie om het project verder te ontwikkelen. Bovendien wordt hiermee het in de gemeenschap levende verlangen om actie te ondernemen ‘gevierd’. We denken dat de officiële start het beste kan plaatsvinden een half tot een heel jaar nadat de eerste film vertoond werd.

Wat de inhoud betreft, is het belangrijk dat mensen zich gaan inzetten met betrekking tot piekolie en klimaatverwarming. Dat moet dan wel in de geest van ‘we kunnen er iets aan doen’ en niet in een geest van doemscenario’s en pessimisme. Een onderdeel dat buitengewoon goed bleek te werken is een presentatie over de praktische en psychologische barrières die persoonlijke verandering in de weg kunnen staan – het gaat uiteindelijk allemaal over ons als individuen.

Er hoeven niet alleen presentaties gehouden te worden. Alles wat volgens jou het beste het verlangen van de gemeenschap weergeeft om aan dit collectieve avontuur te beginnen is goed, zoals concerten, biologisch eten, opera, break-dance, enzovoort.

Stap 5: Zet werkgroepen op

Een deel van het ontwikkelingsproces van een Minder Energie Plan houdt in dat gebruik gemaakt wordt van de collectieve creativiteit en kennis van de gemeenschap. Hiervoor is het cruciaal een aantal kleinere groepen te vormen die zich bezighouden met specifieke onderdelen van dit proces. Elk van deze groepen zal vervolgens zijn eigen aanpak ontwikkelen en zelf bepalen welke activiteiten ze ondernemen. Ze blijven echter wel een onderdeel van het totale project.

Er kunnen werkgroepen gevormd worden voor bijvoorbeeld: voeding, afvalverwerking, energie, onderwijs, jeugd, economie, transport, water en lokaal bestuur. Ieder van deze werkgroepen probeert uit te denken wat de beste manieren zijn om binnen hun eigen aandachtsgebied de veerkracht te verhogen en de CO2-voetafdruk te verlagen. Hun oplossingen vormen de ruggengraat van het Minder Energie Plan (zie stap 12).

Stap 6: Pas Open Space toe

We hebben gemerkt dat de techniek van Open Space buitengewoon effectief is voor het organiseren van bijeenkomsten voor transitie-initiatieven.

In theorie zou Open Space niet moeten werken. Er komt immers een grote groep mensen bij elkaar om een bepaald onderwerp of probleem te onderzoeken, zonder dat gebruik wordt gemaakt van een agenda of tijdschema, zonder voorzitter en zonder notulist. Toch hebben we Open Space gedaan voor voeding, energie, huisvesting, economie en de psychologie van verandering. Tegen het eind van iedere bijeenkomst had iedereen gezegd wat hij wilde zeggen, was een uitgebreid verslag gemaakt en uitgetypt, was er veel genetwerkt en waren er vele ideeën en visies ontwikkeld.

Het belangrijkste boek over Open Space is van Harrison Owens: Open Space Technology, A User’s Guide.

Stap 7: Ontwikkel praktische en zichtbare resultaten

Het is van groot belang de schijn te vermijden dat het project alleen maar bedoeld is als praatgroep waar mensen bij elkaar zitten en wensenlijstjes opstellen. Vrijwel vanaf het begin moet het project praktische en voor de gemeenschap zeer zichtbare resultaten gaan voortbrengen. Deze zullen er in hoge mate voor zorgen dat veel mensen in de gaten krijgen wat er aan de hand is en bereid zijn een bijdrage te leveren.

In transitiestad Totnes ontwikkelde de voedinggroep een deelproject genaamd ‘Totnes – the Nut Tree Capital of Britain’ (Totnes – De Notenbomenhoofdstad van Engeland): een plan om in alle delen van de stad een zo groot mogelijk aantal notenbomen te planten. Kort geleden hebben we samen met de burgemeester enige notenbomen in het centrum van de stad geplant. We hebben er een belangrijk evenement van gemaakt.

Stap 8: De grote herscholing

Willen we piekolie en klimaatverandering aanpakken door in de toekomst minder energie te verbruiken, dan zullen we vele vaardigheden die voor onze grootouders nog normaal waren, opnieuw moeten leren. Een van de nuttigste dingen die een transitie-initiatief kan doen is mensen de vaardigheden die we in de afgelopen 40 jaar zijn kwijtgeraakt, opnieuw aan te leren. Dit kan in de vorm van cursussen.

Het is uiterst leerzaam te rade te gaan bij de oudere leden van onze samenleving. Zij leefden per slot van rekening vóór het tijdperk van de wegwerpmaatschappij en zij weten hoe een leven met minder energie eruit zou moeten zien. Voorbeelden van mogelijke cursussen zijn: eenvoudige reparaties uitvoeren, koken, fietsonderhoud, bouwen met natuurlijke materialen, dakisolatie, verven met natuurlijke kleurstoffen, kruidenwandelingen, tuinieren, thuis zuinig omgaan met energie, zuurdesembrood bakken, zelf groenten verbouwen… (de lijst is eindeloos).

Het opnieuw leren van oude vaardigheden zal de mensen het krachtige besef teruggeven dat ze hun problemen zelf kunnen oplossen, dat ze zelf in staat zijn praktische dingen tot stand te brengen en dat ze dat in samenwerking met anderen kunnen doen. Ze zullen ook merken dat leren echt leuk kan zijn.

Stap 9: Sla een brug naar de lokale overheid

Hoe groot de bewustzijnsverandering die je transitie-initiatief teweegbrengt ook moge zijn, hoeveel zinnige projecten je ook gestart bent en hoe geweldig je Minder Energie Plan ook is, toch kom je niet ver als je geen positieve en vruchtbare relatie met de plaatselijke overheid hebt opgebouwd. Of het nu gaat om zaken als planning, financiering of het ontwikkelen van goede relaties, je hebt de overheid nodig. Het kan dan zijn dat je, geheel tegen je verwachting in, merkt dat je tegen een open deur blijkt te duwen.

Stap 10: Betrek de senioren bij het proces

Voor diegenen onder ons die geboren zijn in de 60′er jaren, toen het feest van de goedkope olie op zijn hoogtepunt was, is een leven met minder olie nauwelijks voorstelbaar. Ieder jaar (uitgezonderd de oliecrises van de jaren ’70) was er meer energie beschikbaar dan in de voorgaande jaren.

Om een indruk te krijgen van wat een samenleving met minder energie inhoudt, moeten we ons richten tot diegenen die zich de overgang naar het tijdperk van de goedkope olie nog goed kunnen herinneren. Het gaat vooral om de periode tussen 1930 en 1960.

Het is duidelijk dat we elke indruk willen vermijden dat we een voorstander zouden zijn van een ‘regressie’ of ‘terugkeer’ naar een of ander grijs verleden. Er is echter veel te leren van hoe dingen vroeger gedaan werden, wat de niet zichtbare relaties tussen de verschillende onderdelen van de maatschappij waren en hoe het dagelijks leven in stand gehouden werd. Het kan buitengewoon verhelderend zijn dit allemaal uit te zoeken, en kan erin resulteren dat we ons veel meer verbonden gaan voelen met de plek waar we ons transitie-initiatief aan het ontwikkelen zijn.

Stap 11: Laat het proces gaan waar het wil…

Hoewel je je transitie-initiatief misschien begint met een duidelijk idee waar je naartoe wilt, zal het zich onvermijdelijk in een andere richting ontwikkelen. Als je probeert vast te houden aan een starre visie, zal het proces je veel energie gaan kosten en zal het gaan stagneren. Jouw rol is niet dat je met antwoorden komt, maar dat je voor de gemeenschap als katalysator werkt bij het ontwikkelen van haar eigen transitie.

Als je je blijft richten op de uitgangspunten van het plan – het versterken van de veerkracht van de gemeenschap en het verminderen van de CO2-voetafdruk – dan hoef je verder alleen maar toe te kijken hoe de gemeenschap zelf een haalbaar, bruikbaar en zeer inventief plan voor haar eigen transitie ontwikkelt.

Stap 12: Ontwerp een Minder Energie Plan

Elke werkgroep heeft zich gericht op bruikbare acties om de veerkracht van de gemeenschap te vergroten en de CO2-voetafdruk te verkleinen. Gecombineerd vormen deze acties het Minder Energie Plan. Daarmee heeft de gemeenschap op basis van haar eigen collectieve creativiteit en kennis haar eigen toekomst ontworpen als antwoord op de bedreigingen van piekolie en klimaatverandering.

Hoe een Minder Energie Plan wordt geschreven, is te lezen in The Transition Handbook van Rob Hopkins.

Transition Town Nederland, de kracht van een lokale gemeenschap

Transition Town Eindhoven

Ook in Eindhoven is een Transition Town-initiatief gestart. De groep is nog volop in opbouw en kan versterking gebruiken. Er worden al regelmatig activiteiten georganiseerd, zoals filmavonden met films als The Power of Community en The End of Suburbia, een informatie-avond rond het thema windenergie en een excursie naar de permacultuur tuinderij Plukrijp en een workshop Composteren.


The power of community: how Cuba survived Peak Oil.

Uitstapje naar Plukrijk in Belgie

Ook haalden zij de film The Age of Stupid naar bioscoop Plaza Futura. Het Transitie Café is bedoeld als ontmoetingsplaats waar men zonder vooropgezet programma met elkaar van gedachten en ideeën kan wisselen. Ook organiseerde Transition Town Eindhoven samen met Aardwerk de eerste permablitz in Eindhoven. Hierbij wordt in een dag (een deel van) een tuin omgebouwd tot een eetbaar landschap.


Eindhovense PermaBlitz: het bouwen van een permacultuur tuin

Zodra er voldoende belangstelling is rondom een thema kan er een werkgroep starten die hiermee aan de slag gaat. In Meerhoven is zelfs al een deelinitiatief opgestart dat enerzijds de wens heeft om met jongeren aan de slag te gaan en anderzijds technische mogelijkheden om te besparen onderzoekt.

Transition Town Eindhoven heeft een eigen website en geeft regelmatig een nieuwsbrief uit (abonneren via de website).

Via de Landelijke website is een overzicht te vinden van lokale initiatieven en contactpersonen. www.transitiontowns.nl

Via de Aktie Agenda wordt geprobeerd alle lokale activiteiten te presenteren op datum, met het zoekwoord Transition, vindt je alle geposte activiteiten. www.aktieagenda.nl

Verslag 1e Permablitz

De eerste PermaBlitz in Eindhoven zit er op. Komkommers planten in je achtertuin was een idee dat zelfs Omroep Brabant wel toepasselijk vond in deze komkommertijd.

Met een ploeg van tien enthousiastelingen van Transition Town Eindhoven werd in één dag een stadstuintje omgetoverd tot moestuin, met onder nadere meerjarige planten als rabarber, frambozen en bramen, tweejaren planten als cichorei en eenjarige (eetbare) bloemen en groenten die makkelijk zichzelf zaaien. Lees een uitgebreid verslag via de volgende link: artikel-permablitz1, of ga voor meer informatie over permacultuur naarwww.aardwerk.org. Wil je de dag meebeleven, klik dan op de volgende link voor een beeldverslag: Film.

foto’s: Ellen-Ehv

PermaBlitz in Eindhoven

In samenwerking met Aardwerk organiseert TTE op zondag 26 juli 2009 de eerste PermaBlitz in Eindhoven. Gastheer Arjan de Vries zal deelnemers vanaf 10:00 verwelkomen. Het programma duurt tot ongeveer 16:00 en er is een gezamenlijke lunch rond een uur of 13:00.

Je kunt je nog aanmelden per email bij Leo Bakx van Aardwerk om mee te doen. Na aanmelding krijg je details over de locatie.

Wat is een PermaBlitz?

Een PermaBlitz is een transformatie van je tuin tot een eetbare tuin in één dag met een groep mensen. Om de beurt gaan de deelnemers bij elkaar de tuin omtoveren, volgens ontwerpprincipes van permacultuur. Om mee te doen is geen ervaring met permacultuur nodig. Behalve dat je al doende leert over permacultuur en het aanleggen van eetbare tuinen, is het meedoen aan een PermaBlitz vooral gezellig.

De PermaBlitz is een verschijnsel dat begon in Melbourne, Australië, in 2006. Het idee was om Melbourne eetbaar te maken, tuin voor tuin. Voor meer informatie (in het Engels) kun je terecht op de web site van PermaBlitz.net.

Het PermaBlitz proces omvat behalve de Blitz-dag zelf één of meer voor-bezoeken door een permacultuurontwerper om de situatie op te nemen met de eigenaar van de tuin. Er wordt een situatieschets gemaakt, geïnventariseerd welke elementen (o.a. planten, systemen) waardevol zijn om te behouden, welke wensen, gewoonten de gebruikers hebben, informatie verzameld over weerpatronen, buren etc.

Spelregels

De eigenaar van de tuin dient te zorgen voor de (eventuele) aanschaf van materialen zoals compost, mulch, planten, regenton, lege flessen (als borderafscheiding) en dergelijke. Tijdens de voorbespreking met de eigenaar worden hierover afspraken gemaakt.

Breng wat eigen gereedschap (schop, snoeischaar, tuinschepje, handschoenen) en lunch (om te delen) mee. De gastvrouw/heer zorgt voor koffie en thee.

Draag stevige schoenen en gepaste kleding die makkelijk zit en vuil mag worden. Eventueel tuinhandschoenen. Zeker bij zonnig weer is een zonnebril, hoed en zonnebrandmiddelen aan te raden.

Tot slot

Denk er aan dat een PermaBlitz geen college over permacultuur is maar een praktische bijeenkomst waar gewerkt moet worden. Je mag je notitieboekje thuis laten.

Alleen wie meedoet aan een PermaBlitz komt aan de beurt voor een tuin-make-over bij hem of haar thuis. Wil jij ook een PermaBlitze tuin dan moet je dus eerst aan een Blitz bij iemand anders meedoen.

Deelname is gratis.

Een PermaBlitz is een goede introductie in de permacultuur en kan gezien worden als een opstap naar de Permaculture Design Certificate cursus.

Permacultuurcursus

Leo Bakx Aardwerk organiseert in samenwerking met Transition Town Eindhoven, Ecodorp Tilburg en De Kleine Stroom een reeks permacultuur cursussen.

Leo biedt de standaard Permaculture Design Certificate cursus aan. De cursus duurt in principe minimaal 72 uur en behandelt permacultuur ethiek, ontwerpprincipes, methoden en praktische oefeningen. Onderwerpen onder meer: bodem(leven), energie- en materiaalstromen, lokale kringlopen, eetbare planten, dieren, ontwerpen met zones en lagen.

De standaard PDC cursus is oorspronkelijk gebaseerd op de Australische situatie. Voor Nederland zullen we Patrick Whitefield’s boek “The Earth Care Manual” gaan gebruiken als leidraad omdat dit boek beter past bij ons koelere West Europese klimaat.

In de cursus leer je zelfstandig een permacultuursysteem voor duurzaam leven te ontwerpen en te realiseren. Je leert gebruik maken van de lokale omgeving, bodem, water, zon, wind, planten, dieren, buren en je eigen talenten. Je leert anderen te helpen met permacultuur, samen projecten te ondernemen, lokale economische systemen te ontwikkelen voor een meer rechtvaardig, bevredigend en onthaast bestaan.

De cursus start zodra er voldoende aanmeldingen zijn en vindt plaats op een nader te bepalen lokatie (zoveel mogelijk in de buurt van de meeste deelnemers). Minimaal aantal deelnemers per cursus: 12, maximaal 24. Wie een lokatie in de aanbieding heeft mag zich ook melden.

Prijs inclusief documentatie, werkboek (in het Nederlands) en een boek (in het Engels), inclusief gezamenlijke maaltijden, exclusief reis- en eventuele verblijfkosten. De cursus kost €954 per persoon. Een deel van de opbrengst zal worden besteed aan de verwerving en inrichting van een vast permacultuur educatie- en ontwikkelcentrum voor de regio Noord Brabant.

Belangstellenden kunnen zich vrijblijvend aanmelden bij Leo Bakx info@aardwerk.org.

Details over lokatie en startdata volgen.

Verslag film- en informatieavond 1 juli 2009

Tijdens onze 2e film- en informatieavond mochten we 16 gasten begroeten. Na een heerlijke pompoen en brandnetel soep van Ellen startte even na achten de film The power of community: how Cuba survived Peak Oil. Na afloop volgden interessante gesprekken op het terras. Er bleken meerdere mensen bezig met energie en verlichting en ook was er veel interesse voor Permacultuur. De meeste aanwezigen hebben hun e-mailadres achtergelaten en aangegeven waarnaar hun interesse uitgaat.

9-5-can-002

foto: Ellen-Ehv

informatie- en filmavond in autonomencentrum BURGERS

Op woensdag 1 juli 2009 organiseren Transition Town Eindhoven en autonomencentrum BURGERS onze tweede informatie- en filmavond.

Bijna iedereen weet het: de olievoorraden slinken, en het klimaat verandert. Ook de economische crisis helpt mensen in actie te komen om veranderingen van onderop te bewerkstelligen. Transition Towns zijn locale gemeenschappen die zelf aan de slag gaan om ons wonen, werken en leven minder olie-afhankelijk te maken. In Eindhoven is nu ook een initiatief gestart.

De toekomst vraagt om steden en dorpen die klaar zijn voor de schaarste van aardolie en daarbij het klimaatprobleem serieus nemen. Initiatief van de inwoners is daarvoor nodig, want de uitdaging is te groot om alleen aan de overheden over te laten. Althans, dat vinden de initiatiefnemers van Transition Town Eindhoven.

Transition Town Eindhoven wil mensen bewust maken van mogelijkheden om veerkrachtig om te gaan met de gevolgen van een sterke stijging van de olieprijs en de klimaatcrisis. Dit moet leiden tot het uitvoeren van individuele en gezamenlijke activiteiten op allerlei gebied.

Programma:

19.00 uur kennismaking, soep, koffie en/of thee

20.00 uur film: “Power of Community: how Cuba survived Peak Oil” (2006)
De film is Nederlands ondertiteld en duurt 53 minuten.

21:00 nazit met vragen en discussie

Power Of Community...

We waarderen een (eigengemaakt) hapje bij de soep of bij de koffie, hulp bij de afwas.

Graag aanmelden als je mee wilt eten:  contact@eindhoven.transitiontowns.nl
of tijdens opening bij Burgers: 040-2113953

Adres autonomencentrum BURGERS: Hertogstraat 2, Eindhoven